De juridische terreur van de klimaatdrammers: Milieudefensie eist totaalverbod op olie en gas

woensdag, 22 april 2026 (08:37) - Dagelijkse Standaard

In dit artikel:

Milieudefensie sleept Shell opnieuw voor de rechter in Den Haag en vraagt een onmiddellijk, wereldwijd verbod op het aanboren van nieuwe olie‑ en gasvelden. De klimaatorganisatie zegt dat verdere winning de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen in stand houdt en de klimaatcrisis verdiept; directeur Donald Pols wijst op de hoge brandstofprijzen als bewijs van het onhoudbare systeem. Advocaat Rogier Cox van Milieudefensie betoogt dat extra winning uit honderden velden niet nodig is en de energietransitie juist belemmert.

Shell reageert fel: het bedrijf noemt de eis “onrealistisch, onredelijk en fundamenteel misplaatst” en waarschuwt dat zonder nieuwe velden de energievoorziening in de knel kan komen omdat bestaande velden jaarlijks minder produceren. Frans Everts, CEO van Shell Nederland, benadrukt dat Shell zowel in de huidige vraag voorziet als investeert in toekomstige energiesystemen. Pols benadrukt daarentegen dat multinationals als Shell zo groot zijn geworden dat ze ter verantwoording moeten worden geroepen en dat de gevolgen van klimaatverandering ook in Nederland merkbaar zijn.

De zaak volgt op eerdere procedures: een vonnis uit 2021 werd in hoger beroep in november 2024 buiten werking gesteld, maar Milieudefensie zet de juridische weg voort. De controverse raakt twee knelpunten: enerzijds de wens van klimaatverenigingen om productie van fossiele brandstoffen juridisch te beperken; anderzijds zorgen over energiezekerheid, leveringszekerheid en korte‑termijn economische effecten in een periode van hoge energieprijzen.

De oorspronkelijke tekst is sterk politiek geladen en roept op tot verzet tegen Milieudefensie, tegelijk met oproepen tot steun voor de eigen redactie. Voor wie het bredere plaatje wil: de zaak past in een reeks rechtszaken tussen milieuclubs en fossiele bedrijven over verantwoordelijkheid voor klimaatverandering, en zet vragen op scherp over welke rol rechters, bedrijven en overheden moeten spelen bij het sturen van energietransitie én het garanderen van betaalbare leveringen.